Te trage schildklier


Home
Stichting
Vacatures
Schildklier
Werking Schildklier
Klachten
Aandoeningen
Auto-immuunziekten
Te trage schildklier
Te snelle schildklier
Schildklierkanker
Onderzoek
Behandeling
Vraag & Antwoord
Activiteiten
Patiëntbelangen
Publicaties
Nieuws
Mijn ervaring
Oproepen
Dossiers
Zwangerschap
Links
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 
 

Medewerkers login



HOME > Schildklier > Aandoeningen > Te trage schildklier

Hypothyreoïdie
 
Als de schildklier te traag werkt en te weinig hormoon maakt, noem je dat hypothyreoïdie. Het kan tijdelijk zijn, maar meestal is het levenslang. In Nederland komt de aandoening meestal door antistoffen. Maar hypothyreoïdie kan ook ontstaan door de behandeling van een andere (schildklier)aandoening. Soms is hypothyreoïdie aangeboren.
 
Veel klachten komen ook voor bij andere aandoeningen. Dit maakt het voor de arts moeilijk een diagnose te stellen op basis van de klachten.

 

Als meer van de genoemde klachten aanwezig zijn, is er wellicht sprake van een schildklieraandoening. Het is dan aan te raden een bloedonderzoek te laten doen. 
Alleen een bloedonderzoek geeft aan of de schildklier de oorzaak is van deze verschijnselen.
  

Aangeboren hypothyreoïdie

Wanneer de schildklier van een pasgeborene geen of te weinig hormoon maakt, noem je dit congenitale hypothyreoïdie. Afgekort is dat CHT.

 

Er zijn twee vormen:
  • de schildklier ontbreekt of is slecht ontwikkeld
  • de schildklier is aanwezig en volgroeid, maar maakt niet tot nauwelijks schildklierhormoon

Ongeveer 1 op de 2000 pasgeborenen heeft een tijdelijke stoornis.

Ongeveer 1 op de 3000 pasgeboren heeft een blijvende stoornis.
 
De risico’s voor een baby met hypothyreoïdie zijn groot.

Zonder behandeling kan er onherstelbare beschadiging van de hersenen ontstaan.

Een groeiachterstand is ook mogelijk.

 

Hielprik

In Nederland kennen we de hielprik.

Hiermee wordt bloed afgenomen bij een pasgeboren baby.

In het afgenomen bloed wordt het T4-gehalte onderzocht.

Als dat te laag is, wordt ook de TSH-waarde bepaald.

 

Bij een afwijkende uitslag wordt de baby verwezen naar een kinderarts of endocrinoloog.
Hoe eerder de behandeling begint met schildklierhormoon, hoe beter.

 

Meer informatie:

brochure 06 Hypothyreoïdie

Stichting Schild

 
 
 
Primaire hypothyreoïdie 

 

Ziekte of thyreoïditis van Hashimoto

Bij deze ziekte is sprake van een chronische ontsteking van de schildklier.

Het ontstekingsproces verloopt heel traag.

 

In het begin van de ziekte is vaak niet duidelijk dat het om de schildklier gaat.

De verschijnselen kunnen ook bij andere aandoeningen horen.

 

De ontsteking ontstaat door antistoffen tegen de schildklier: anti-TPO en anti-Tg.

Geleidelijk aan vernietigen de antistoffen het schildklierweefsel.

 

Veel patiënten hebben een struma (= vergroting van de schildklier).

Een struma kan groot of klein zijn. Het voelt aan als een vaste harde plek.
Meestal is zo’n struma pijnloos, soms wat gevoelig.
 
De bloedbezinking (BSE) is niet verhoogd.

 

Meer informatie:

 

 

Primair myxoedeem (atrofie)

Bij deze ziekte zorgen antistoffen tegen de TSH-receptor voor het probleem.

Deze antistoffen blokkeren de werking van TSH (= schildklier stimulerend hormoon).

De schildklier ontvangt geen bericht meer van de hypofyse.
Daardoor maakt de schildklier geen hormoon en ontstaat hypothyreoïdie.
 
Door deze ziekte verschrompelt de schildklier.
Dit noem je atrofie.
 
Meer informatie:
 
 
Na (gedeeltelijke) chirurgische verwijdering van de schildklier
Een operatie om de schildklier te verwijderen, kan nodig zijn bij een groot struma, een nodus of bij schildklierkanker.
 
Zo'n operatie noem je ook wel strumectomie of thyreoïdectomie.
Na zo’n operatie is er geen schildklier meer om voldoende hormoon te maken.
Je noemt dat ook hypothyreoïdie.
 
Meer informatie:
 
 
Na behandeling met radioactief jodium
Als de schildklier te snel werkt (hyperthyreoïdie) vindt er vaak behandeling plaats met radioactief jodium.
 
Bij hyperthyreoïdie kan het gaan om de ziekte van Graves of het multinodulair toxisch struma (ziekte van Plummer).
Een behandeling met radioactief jodium wordt ook wel gegeven bij een struma zonder dat de schildklier te hard werkt, maar om de hinderlijke zwelling kleiner te maken.
 
Na behandeling met radioactief jodium ontstaat vaak hypothyreoïdie en moet de patiënt behandeld worden met schildklierhormoon.
 
Meer informatie:
 
 
Na bestraling voor andere aandoeningen dan de schildklier
Soms ontstaat er hypothyreoïdie als de patiënt in het halsgebied is bestraald voor een
andere aandoening dan van de schildklier.
 
 
Na subacute thyreoïditis – ziekte van Quervain
De ziekte van Quervain is een niet-chronische ontsteking van de schildklier.
De waarschijnlijke oorzaak is een virus.
De ziekte ontstaat vaak na een keelontsteking.
 
Typische klachten/symptomen zijn:
  • een gezwollen en pijnlijke schildklier
  • pijn die uitstraalt naar de kaakhoeken en/of naar één of beide oren
  • koorts
  • pijn bij slikken
  • een verhoogde bloedbezinking (BSE) 
Meestal werkt de schildklier tijdelijk eerst te snel.
Daarna tijdelijk te traag.
Daarna is er vaak herstel.
 
Bij ongeveer 20% van de patiënten komt de ziekte terug.
 
Meer informatie:
 
 
Stille of pijnloze thyreoïditis
Het beeld van deze ziekte lijkt op de ziekte van Quervain.
Vaak is er eerst sprake van hyperthyreoïdie gevolgd door hypothyreoïdie.
Daarna is er vaak herstel.
 
De naam zegt het al: bij deze vorm van thyreoïditis is er geen pijn.
Uit onderzoek blijkt dat het gaat om een variant van de ziekte van Hashimoto.
 
Bij de ziekte van Hashimoto is de bloedbezinking niet verhoogd.
Bij stille thyreoïditis is die juist wat verhoogd.
 
Vaak zie je deze aandoening na een bevalling.
We spreken dan van een post-partum thyreoïditis.
 
Bij een post-partum thyreoïditis werkt de schildklier eerst tijdelijk te snel.
Daarna ontstaat een te langzame schildklier.
Na enige tijd kan de schildklier weer normaal gaan werken.
In de loop van de jaren krijgen veel vrouwen toch een blijvende hypothyreoïdie.
 
Meer informatie:
 
 
Voorbijgaande hypothyreoïdie
Het gebeurt wel dat een hypothyreoïdie tijdelijk is.
De schildklier gaat daarna weer normaal aan het werk.
 
Je ziet dit wel als door een operatie een deel van de schildklier verwijderd is.
 
Na een zwangerschap treedt er wel eens een schildklierontsteking (stille thyreoïditis)
op. Dat gaat soms gepaard met en tijdelijke hypothyreoïdie of hyperthyreoïdie.
 
Bij de ziekte van Quervain ontstaat ook wel een tijdelijke hypothyreoïdie.
 
Meer informatie:
 
 
Subklinische hypothyreoïdie

Aan hypothyreoïdie gaat een stadium vooraf.

In dat stadium maakt de schildklier al minder hormoon.

 

De hoeveelheid schildklierhormoon in het bloed is nog binnen de normale waarden.

Wel is de TSH-waarde al iets verhoogd.

 

De combinatie van een normale FT4-waarde met een verhoogde TSH-waarde staat bekend als subklinische hypothyreoïdie.

 

De term ‘subklinisch’ veronderstelt dat de patiënt geen klachten heeft.

Dit is echter vaker wel het geval.
 

Meer informatie:

brochure 06 Hypothyreoïdie

 

 

Centrale hypothyreoïdie

Heel af en toe is de schildklier niet de oorzaak van hypothyreoïdie.

Het kan zijn dat de hypofyse of de hypothalamus de oorzaak is.

 

De hypofyse maakt dan te weinig TSH (= schildklier stimulerend hormoon).

 

De oorzaak kan een adenoom (= goedaardig gezwelletje) zijn.

Ook kan de oorzaak ernstig bloedverlies na een bevalling zijn (Sheehan-syndroom).

Soms is er sprake van een aangeboren stoornis.

Bij centrale hypothyreoïdie is de FT4-waarde verlaagd zonder verhoging van de TSH-waarde.

 

De klachten zijn niet anders dan als de schildklier de oorzaak is (primaire hypothyreoïdie).

Wel zijn de klachten meestal minder ernstig.

 

Aandacht verdient de werking van de bijnieren voordat de patiënt kan beginnen met de behandeling met levothyroxine.

Een tekort aan het bijnierschorshormoon cortisol moet eerst uitgesloten worden.

 

Meer informatie:



 
 

Poll
Heeft u de donateur raadpleging ingevuld?

ja

nee
Aantal stemmen:5181
Contact     
  Wat een klier! | Brochures

A A
powered by
easy-content.nl