Knobbels in de schildklier

Wanneer is het verstandig om met klachten naar de arts te gaan? Meestal wordt als eerste een knobbel in de hals ontdekt, omdat deze zichtbaar of voelbaar wordt.

Bij ongeveer 5% van de mensen komt het voor dat er een knobbel te voelen is in de schildklier, in vaktermen heet dat nodus. Er kan ook sprake zijn van bobbelige vergrote schildklier, dit kan bijvoorbeeld wijzen op een ”nodulair” struma.

Een knobbel kan ook een cyste zijn, dit is een holte met een gladde wand gevuld met vocht. Cysten kunnen in veel organen voorkomen, waaronder ook in de schildklier. Cysten ontstaan door verval van het weefsel en worden vaak gezien in een goedaardig nodulair struma, maar kan ook ontstaan in kwaadaardige gezwellen. Een cyste betekent dus niet automatisch dat het wel 'goedaardig' zal zijn.

Als er een knobbel ontstaat in de schildklier is het zonder nader onderzoek niet mogelijk vast te stellen om wat voor type knobbel het gaat. Meestal betreft het wel een goedaardig gezwel. Uiteindelijk zal ongeveer 2% van de knobbels kanker blijken te zijn.

Net als andere schildklieraandoeningen komt ook schildklierkanker vaker voor bij vrouwen dan bij mannen. Het kan op elke leeftijd ontstaan, maar meestal tussen de 30 en 60 jaar. Voor nader onderzoek van de aard en oorzaak van de knobbel, zal een patiënt moeten worden doorverwezen naar een internist (endocrinoloog).

Bloedonderzoek

Bij een vergroting van de schildklier worden de bloedwaarden van de schildklierhormonen onderzocht. Als deze afwijkend zijn is de kans groter dat het om een afwijkende schildklierfunctie gaat en niet om een kwaadaardigheid. Bij schildklierkanker is deze bijna nooit afwijkend.

Echografie van de hals

Daarna kan met een echo (geluidsonderzoek) het aspect van de knobbel (grootte, plaats, specifieke eigenschappen) beoordeeld worden. Ook kan tijdens een echografisch onderzoek een punctie (FNA) worden verricht. Hierbij wordt onder geleide van het beeld van de echo met een naald cellen uit de knobbel opgezogen. Deze cellen worden door de patholoog beoordeeld.

De punctie kan globaal tot verschillende uitslagen leiden:

  • knobbel is vrijwel zeker goed; operatie niet nodig
  • knobbel is vrijwel zeker fout; operatie volgt
  • er kan geen onderscheid worden gemaakt tussen goed en kwaad; een operatie is nodig voor nader onderzoek of de punctie of echo moet worden herbeoordeeld/herhaald
  • er zijn onvoldoende cellen verkregen voor een uitslag; punctie moet worden herhaald